Wat een One-Link doet
Een One-Link is de koppeling waarmee apparaten of diensten bij One-Home worden aangesloten. De koppeling levert de apparaten en hun mogelijkheden aan Core. Je gebruikt die apparaten daarna via Apparaten, hun ruimte of je selectie in One-Views.
Een zichtbare merknaam zegt niet welke functies ieder apparaat ondersteunt. Kijk altijd naar de bediening van het daadwerkelijk gekoppelde apparaat. Een lamp zonder kleurmogelijkheden krijgt bijvoorbeeld geen kleurbediening doordat zij via dezelfde One-Link als een kleurenlamp is aangesloten.
Onderscheid een voorbereiding van een verbinding
In de demo kun je via One-Links > One-Link toevoegen > One-Link voorbereiden een naam, verbindingsvoorkeur en notities bewaren. One-Link klaarzetten bewaart deze voorbereiding op dit apparaat. Het koppelt geen echte apparaten en voert geen netwerkscan voor je Core uit.
Ook voorbeeldstatussen en voorbeeldapparaten horen bij de demo. Een opgeslagen voorkeur voor lokaal of cloud verandert geen bestaande verbinding. Voor echte apparatuur open je de app op je eigen Core en log je daar in met je Core-account.
- Controleer in de demo wat je wilt aansluiten.
- Kies Core verbinden en open je eigen Core.
- Controleer Verbonden met Core voordat je een fysieke koppeling instelt.
Open de juiste beheeromgeving
In Core v0.37.0 heeft Philips Hue een eigen koppelprocedure in de nieuwe interface. HEOS, EasyControl en Mitsubishi behouden hun bestaande aansluiting. Overige One-Links beheer je via de bestaande Core-omgeving; de nieuwe interface neemt niet automatisch iedere beheerfunctie over.
- Open One-Links op je gekoppelde Core.
- Gebruik voor Hue One-Links > Philips Hue > Bridge koppelen.
- Gebruik voor andere koppelingen de verwijzing Core-beheer onderaan de pagina. Je kunt als beheerder ook via Verbinding > Core-beheer openen gaan.
- Open daar de bestaande One-Links en volg de instructies van de betreffende aansluiting.
Bereid een echte koppeling voor
Controleer eerst of het apparaat werkt in de eigen app of bediening van de fabrikant. Noteer welke Bridge, controller of aansluiting je wilt gebruiken. Houd bij lokale koppelingen het juiste lokale adres bij de hand en controleer bereikbaarheid vanaf Core.
Laat de beheerder nagaan of de vereiste One-Link op deze installatie aanwezig is. Een voorbeeld in de catalogus is geen bewijs van een geïnstalleerde driver. Volg daarna de concrete koppelprocedure; iedere aansluiting kan andere voorwaarden hebben. Deel in notities geen wachtwoorden of geheime koppelsleutels.
Controleer meer dan de verbindingsmelding
Een verbinding is pas praktisch bruikbaar als je het juiste apparaat terugvindt en de beschikbare bediening kunt bevestigen. Begin met één apparaat, zodat een verkeerde naam of toewijzing direct opvalt.
- Controleer na het koppelen welke apparaten zijn opgehaald.
- Wijs één apparaat toe aan een herkenbare ruimte.
- Open Apparaten en zoek dat apparaat op.
- Voer een ondersteunde handeling uit en wacht op de bevestiging.
- Vergelijk de echte toestand en controleer naam en ruimte op een tweede ingelogd scherm.
Beheer toegang en verwijderen bewust
Alleen beheerders koppelen een Hue Bridge. Bewoners zien en bedienen uitsluitend apparaten binnen hun toegestane ruimtes. Kijkrechten geven geen bedieningsrechten en een selectie in One-Views verruimt die toegang niet.
Een actieve verbinding verbreek je via Core-beheer. In de demo kun je een ongebruikte voorbereiding verwijderen; dat verwijdert de bewaarde naam, voorkeuren en notities op dat scherm. Het is geen ontkoppeling van een echte Bridge. Controleer daarom altijd de omgeving en welke apparaten afhankelijk zijn van de koppeling.
Zoek de oorzaak op de juiste plek
Werkt niets in de woning, controleer eerst de verbinding met Core. Werken apparaten van één One-Link niet, controleer die aansluiting en het netwerk of de betreffende dienst. Ontbreekt slechts één apparaat, controleer voeding, ruimtetoewijzing en rechten.
Gebruik bij Hue Verbinding controleren om lampen opnieuw op te halen. Een gewijzigde Bridge-identiteit of ingetrokken toegang kan opnieuw koppelen met de fysieke knop vereisen. Noteer bij andere problemen de One-Link, Core-versie, betrokken apparaten en exacte foutmelding voor de beheerder.