Kies een beschikbare volledige release
Open Mijn One-Home en ga naar Downloads. Daar verschijnen officiële Stable-releases waarvoor je account downloadrecht heeft. Lees versie, publicatiedatum en releasetekst en vergelijk deze met de Core-versie van jouw installatie. Een nieuw nummer in een demo of op de website betekent niet dat het pakket al beschikbaar is.
Voor backend en woningbeheer heb je het volledige Core-pakket nodig. Bij v0.37 heet dat One-Home-Core-v0.37.0-Lichtgroepen.zip. Het pakket One-Home-v0.37.0-Lichtgroepen.zip bevat de interface voor een thematester of ontwikkelwebsite en installeert op zichzelf geen backend.
Bereid de bestaande installatie voor
De onderstaande opdracht hoort bij de bestaande standaardinstallatie met /home/onehome/.env en /home/onehome/data. Voor een andere inrichting volg je de installatieafspraken van je beheerder. Lees altijd de installatie-instructie uit de release die je daadwerkelijk gaat gebruiken.
Plan een geschikt moment: tijdens de omschakeling kan de woninginterface tijdelijk onbereikbaar zijn. Bewaar de huidige installatie-identiteit, database, configuratie en encryptiesleutels samen. Een nieuwe sleutel aanmaken is geen oplossing voor een fout in bestaande versleutelde koppelingen.
- Noteer de huidige Core-versie en het normale toegangsadres.
- Controleer of een bruikbare back-up en de bijbehorende herstelinformatie beschikbaar zijn.
- Controleer de vrije opslag. De updater van v0.37.0 verlangt minimaal 2 GiB vrije ruimte.
- Pak de volledige Core-ZIP uit in een nieuwe releasemap op de Core; behoud de bestaande centrale configuratie en datamap.
Voer het gedocumenteerde updateproces uit
Voer vanuit de uitgepakte releasemap uit: bash scripts/update-onehome.sh. Deze opdracht is bedoeld voor de beheerder met toegang tot de standaard Core-installatie. Voer hem niet uit in de map van alleen een website of interfacepakket.
Het script maakt een herstelkopie, bewaart de bestaande database en relevante configuratie en bouwt de nieuwe Core. Tijdens het bouwen blijft de bestaande container actief; daarna volgt de omschakeling met controles. Onderbreek de lopende update niet en bewaar het eindresultaat en het gemelde back-uppad.
Controleer meer dan het versienummer
Open na afloop je normale Core-adres met /app/ en meld aan met je bestaande account. De update is pas praktisch beoordeeld wanneer je eigen woninggegevens en echte bediening zijn gecontroleerd. Een gestart proces of een zichtbaar startscherm is daarvoor onvoldoende.
- Controleer de gerapporteerde Core-versie en open bestaande ruimtes.
- Controleer One-Links, herkenbare apparaatnamen en ruimtetoewijzingen.
- Test één echt apparaat en wacht op de bevestigde stand; test bij lichtgroepen ook een groep met meerdere lampen.
- Controleer een tweede scherm en een account met kijkrechten. De woninggegevens horen overeen te komen, terwijl schermvoorkeuren apart kunnen blijven.
- Bekijk later in Mijn One-Home of het laatste contact en de bevestigde versieovergang zijn bijgewerkt.
Beoordeel een mislukte update
Noteer de exacte fout en het moment waarop de update stopte. De standaardupdater bevat een automatische terugvalroute bij een mislukte omschakeling. Daarbij kunnen de vorige container, database en centrale configuratie uit de herstelkopie worden teruggezet. Controleer wat werkelijk weer actief is voordat je een tweede poging start.
Een mislukte build, onvoldoende opslag en een fout na de omschakeling vragen verschillende vervolgstappen. Bewaar daarom de uitvoer. Verwijder geen bestaande database, sleutels of koppelingen om een opstartfout te verbergen. Laat handmatig herstel uitvoeren met onderdelen die aantoonbaar bij dezelfde installatie horen.
Leg herstel en nazorg vast
Houd de herstelkopie beschikbaar totdat de woning weer normaal werkt. Een indelingsback-up van een browser vervangt deze kopie niet: daarin staan geen Core-database of bewonersrechten. Voor een Cloudback-up kan bovendien de apart bewaarde recovery key nodig zijn.
Gebruik voor hulp Mijn One-Home > Support en vermeld oude en bedoelde versie, foutmelding, tijdstip en de controles die je al hebt uitgevoerd. Deel geen .env-bestand of geheime sleutel. Noteer na herstel de werkelijk actieve versie en controleer opnieuw lokale bediening en toegangsrechten.